Handboek Katholieke Medische Ethiek - Hoofdstuk III

on-line editie vanaf 2019 onder redactie van dr. W.J. kardinaal Eijk, dr. L.J.M. Hendriks en prof.dr. F.J. van Ittersum

Ⓒ Katholieke Stichting Medische Ethiek 2019 - 2026

III.6.1 Het gebruik van kunstmatige baarmoeders, placenta’s en kunstmatige kweekmedia in verschillende stadia van de embryonale en foetale ontwikkeling

W.J. Eijk

Een relatief recente doorbraak in de voortplantingstechnologie en neonatologie betreft de ontwikkeling van kunstmatige baarmoeders en placenta’s. Nieuwe technologieën maken het mogelijk om zelfs extreem premature pasgeboren dieren in leven te houden. Misschien kunnen die technieken al over een paar jaar ook bij menselijke neonaten worden toegepast. Daarnaast tekent zich aan het begin van de embryonale ontwikkeling de mogelijkheid af dat het embryo zich buiten het lichaam van de moeder kan ontwikkelen met behulp van een kunstmatig kweekmedium. De toepassing van deze techniek bij mensen zal waarschijnlijk nog minstens enkele decennia op zich laten wachten.

image_pdfimage_print